30 MAART 1995. - Decreet betreffende de openbaarheid van bestuur.
(VERTALING)
(NOTA : tekstbijwerking tot
20-03-2001.)
Bron : WAALSE GEWEST
Publicatie : 28-06-1995
Inwerkingtreding : 08-07-1995
HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen.
Artikel 1. Dit decreet is
van toepassing :
1° op de gewestelijke administratieve overheden;
2° op de administratieve overheden andere dan de gewestelijke
administratieve overheden, doch slechts in de mate dat dit decreet op gronden
die tot de gewestelijke bevoegdheid behoren, de openbaarheid van
bestuursdocumenten verbiedt of beperkt;
3° wat betreft de studies, op de gewestelijke Regering en op de
leden van deze Regering. Onder studies dient te worden verstaan elk geschreven
document met gegevens van welke aard ook, die bestemd zijn om het gewestelijk
beleid aan te sporen, te bevestigen of te richten in een van de aangelegenheden
waarvoor zij bevoegd is en die bij elke natuurlijke of rechtspersoon bij middel
van een overeenkomst besteld werden. De Regering kan de bekendmaking of de
verspreiding ervan beperken bij een gemotiveerde beslissing.
Voor de toepassing van dit decreet wordt verstaan onder :
1° administratieve overheid : een administratieve overheid als
bedoeld in artikel 14 van de gecoördineerde wetten of de Raad van State;
2° bestuursdocument : alle informatie, in welke vorm ook, waarover
een administratieve overheid beschikt;
3° document van persoonlijke aard : bestuursdocument dat een
beoordeling of een waardeoordeel bevat van een met naam genoemd of gemakkelijk
identificeerbaar natuurlijk persoon of de beschrijving van een gedrag waarvan
het ruchtbaar maken aan die persoon kennelijk nadeel kan berokkenen.
Art. 2. Dit
decreet is niet toepasselijk op de aangelegenheden bedoeld bij het decreet van
13 juni 1991 met betrekking tot de vrije toegang van de burgers tot de
informatie betreffende het leefmilieu. Het doet geen afbreuk aan de bepalingen
van een decreet dat een ruimere openbaarheid van bestuur voorziet.
HOOFDSTUK II. - Actieve
openbaarheid.
Art. 3. Met
het oog op een duidelijke en objectieve voorlichting van het publiek over het
optreden van de gewestelijke administratieve overheden :
1° publiceert elke gewestelijke administratieve overheid een
document met de beschrijving van haar bevoegdheden en haar interne organisatie;
dit document wordt ter beschikking gesteld van eenieder die erom vraagt;
2° vermeldt elke briefwisseling uitgaande van een gewestelijke
administratieve overheid de naam, de hoedanigheid, het adres en het
telefoonnummer van degene die meer inlichtingen kan verstrekken over het
dossier;
3° vermeldt elk document waarmee een beslissing of een
administratieve handeling met individuele strekking uitgaande van een
gewestelijke administratieve overheid ter kennis wordt gebracht van een
bestuurde, de eventuele beroepsmogelijkheden.
Het bedrag van de vergoedingen die eventueel worden aangerekend voor
het ter beschikking stellen van een afschrift van de in 1° bedoelde informaties
wordt door de Regering vastgesteld. Het mag de kostprijs niet overtreffen.
HOOFDSTUK III. - Passieve
openbaarheid.
Art. 4. § 1.
Het recht op het raadplegen van een bestuursdocument van een administratieve
overheid , en op het ontvangen van een afschrift van het document bestaat erin
volgens de voorwaarden bepaald in dit decreet, elk bestuursdocument ter plaatse
kan inzien, dienomtrent uitleg kan krijgen en mededeling in afschrift ervan kan
ontvangen volgens de door de Regering bepaalde wijze.
Voor documenten van persoonlijke aard is vereist dat de verzoeker
van een belang doet blijken.
§ 2. De terbeschikkingstelling van een afschrift van een
bestuursdocument kan aanhangig gemaakt worden van de betaling van een vergoeding
waarvan het bedrag door de Regering vastgesteld is. Het bedrag van deze
vergoeding mag de kostprijs niet overtreffen.
Art. 5.
Inzage, uitleg of mededeling in afschrift van een bestuursdocument geschiedt op
aanvraag. De vraag vermeldt duidelijk de betrokken aangelegenheid en, waar
mogelijk, de betrokken bestuursdocumenten en wordt archief aan de bevoegde
gewestelijke administratieve overheid, ook wanneer deze het document in een
archief heeft neergelegd.
Wanneer de vraag om inzage, uitleg of mededeling in afschrift is
gericht tot een gewestelijke administratieve overheid die het bestuursdocument
niet onder zich heeft, stelt deze de verzoeker daarvan onverwijld in kennis en
deelt hem de benaming en het adres mede van de administratieve overheid die naar
haar informatie het document onder zich heeft.
De gewestelijke administratieve overheid houdt een register bij van
de schriftelijke aanvragen, volgens datum van ontvangst.
Art. 6. § 1.
De gewestelijke of niet-gewestelijke administratieve overheid wijst de vraag om
inzage, uitleg of mededeling in afschrift van een bestuursdocument af wanneer
zij heeft vastgesteld dat het belang van de openbaarheid niet opweegt tegen de
bescherming van een van de volgende belangen :
1° de veiligheid van de bevolking;
2° de fundamentele rechten en vrijheden van de bestuurden;
3° de openbare orde;
4° de opsporing of vervolging van strafbare feiten;
5° de internationale betrekkingen van het Gewest;
6° een gewestelijk economisch of financieel belang.
§ 2. De gewestelijke of niet-gewestelijke administratieve overheid
wijst de vraag om inzage, uitleg of mededeling in afschrift van een
bestuursdocument, die met toepassing van dit decreet is gedaan, af wanneer de
openbaarmaking van het bestuursdocument afbreuk doet :
1° aan de persoonlijke levenssfeer, behalve de bij de wet voorziene
uitzonderingen;
2° aan een bij wet of decreet ingestelde
geheimhoudingsverplichting;
3° aan het geheim van de van de Regering en van de
verantwoordelijke overheden die afhangen van de Regering of waarbij een overheid
betrokken is.
§ 3. De gewestelijke administratieve overheid mag een vraag om
inzage, uitleg of mededeling in afschrift van een bestuursdocument in de mate
dat de vraag :
1° een bestuursdocument betreft waarvan de openbaarmaking om reden
dat het document niet af of onvolledig is, tot misvatting aanleiding kan geven;
2° een advies of een mening betreft die uit vrije wil en
vertrouwelijk aan de overheid is meegedeeld;
3° kennelijk te onredelijk is;
4° kennelijk te vaag geformuleerd is.
§ 4. Wanneer in toepassing van de §§ 1 tot 3 een bestuursdocument
slechts voor een deel aan de openbaarheid moet of mag worden onttrokken, wordt
de inzage, de uitleg of de mededeling in afschrift tot het overige deel beperkt.
§ 5. De gewestelijke administratieve overheid die niet onmiddellijk
een vraag om inzage, uitleg of mededeling in afschrift kan ingaan of ze afwijst,
geeft, binnen een termijn van dertig dagen na ontvangst van de aanvraag, aan de
verzoeker kennis van de redenen van het uitstel of de afwijzing. In geval van
uitstel kan de termijn nooit met meer dan vijftien dagen worden verlengd.
Bij ontstentenis van een kennisgeving bijen de voorgeschreven
termijn, wordt de aanvraag geacht te zijn afgewezen.
Art. 7.
Wanneer een persoon aantoont dat een bestuursdocument van een gewestelijke
administratieve overheid onjuiste of onvolledige gegevens bevat die hem
betreffen, is die overheid ertoe gehouden de nodige verbeteringen aan te brengen
zonder dat het de betrokkene iets kost. De verbetering geschiedt op
schriftelijke aanvraag van de betrokkene.
De gewestelijke administratieve overheid die niet onmiddellijk op
een aanvraag om verbetering kan ingaan of ze afwijst, geeft binnen zestig dagen
na ontvangst van de aanvraag aan de verzoeker kennis van de redenen van het
uitstel of de afwijzing. In geval van uitstel kan de termijn niet met meer dan
dertig dagen worden verlengd. Bij ontstentenis van kennisgeving binnen de
gestelde termijn wordt de aanvraag geacht te zijn afgewezen.
Wanneer de vraag is gericht tot een gewestelijke administratieve
overheid die niet bevoegd is om de verbeteringen aan te brengen, stelt deze
verzoeker daarvan onverwijld in kennis en deelt hem de benaming en het adres mee
van de overheid die naar haar informatie daartoe bevoegd is.
Art. 8. § 1.
Er wordt een commissie voor de toegang tot bestuursdocumenten opgericht.
De Regering bepaalt de samenstelling en de werkwijze van de
commissie.
§ 2. Wanneer de verzoeker moeilijkheden ondervindt om de
raadpleging of de verbetering van een bestuursdocument te verkrijgen op grond
van dit decreet, kan hij een verzoek tot heroverweging richten tot de betrokken
gewestelijke administratieve overheid. Terzelfder tijd verzoekt hij de commissie
een advies uit te brengen.
De commissie brengt haar advies ter kennis van de verzoeker en van
de betrokken gewestelijke administratieve overheid binnen een termijn van dertig
dagen na ontvangst van het verzoek. Bij ontstentenis van kennisgeving binnen de
voorgeschreven ,termijn wordt aan het advies voorbijgegaan.
De gewestelijke administratieve overheid brengt binnen vijftien
dagen na ontvangst van het advies of na verloop van de termijn waarbinnen kennis
moest worden gegeven van het advies, haar beslissing tot inwilliging of
afwijzing van het verzoek tot heroverweging ter kennis van de verzoeker.
Bij ontstentenis van kennisgeving binnen de voorgeschreven termijn
wordt de overheid geacht een beslissing tot afwijzing te hebben genomen.
Tegen deze beslissing kan de verzoeker beroep instellen
overeenkomstig de wetten op de Raad van State, gecoördineerd bij koninklijk
besluit van 12 januari 1973. Het beroep bij de Raad van State is in voorkomend
geval vergezeld van het advies van de commissie.
§ 3. De commissie kan eveneens worden geraadpleegd door een
gewestelijke administratieve overheid.
§ 4. De initiatief advies verstrekken betreffende de algemene
toepassing van dit decreet. Ze kan aan de Raad doen in verband met zijn
toepassing en zijn eventuele herziening.
(§ 5. Elk jaar en uiterlijk tegen 30 juni, bezorgt de Commissie de
Waalse Gewestraad een activiteitenverslag dat o.m. betrekking heeft op de
algemene toepassing van het decreet van 30 maart 1995 betreffende de openbaarheid van bestuur in het Waalse Gewest en van het decreet betreffende de openbaarheid
van in de Waalse intercommunales.) <DWG 2001-03-07/33, art. 14, 002; Inwerkingtreding
: 20-06-2001>
Art. 9.
Wanneer de vraag om openbaarheid betrekking heeft op een bestuursdocument van
een administratieve overheid waarin een auteursrechtelijk beschermd werk is
opgenomen, is de toestemming van of van de persoon aan wie de rechten van deze
zijn overgegaan, niet vereist om ter plaatse inzage van het document te verlenen
of uitleg erover te verstrekken.
Een mededeling in afschrift van een auteursrechtelijk beschermd werk
is niet toegestaan dan met voorafgaande toestemming van de maker of van de
persoon aan wie de rechten van deze zijn overgemaakt.
In ieder geval wijst de overheid op het auteursrechtelijk beschermd
karakter van het betrokken werk.
Art. 10. De in toepassing van dit
decreet verkregen bestuursdocumenten mogen niet verspreid noch gebruikt worden
voor commerciële doeleinden.
Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad
zal worden bekendgemaakt.
Namen, 30 maart 1995.
De Minister-President van de Waalse Regering, belast met Economie,
K.M.O.' s, Externe Betrekkingen en Toerisme,
R. COLLIGNON
De Minister van Technologische Ontwikkeling, Wetenschappelijk
Onderzoek, Tewerkstelling en Beroepsopleiding,
A. LIENARD
De Minister van Binnenlandse Aangelegenheden, Ambtenarenzaken en
Begroting,
B. ANSELME
De Minister van Ruimtelijke Ordening, Patrimonium en Vervoer,
A. BAUDSON
De Minister van Openbare Werken,
J.-P. GRAFE
De Minister van Sociale Actie, Huisvesting en Gezondheid,
W. TAMINIAUX
De Minister van Leefmilieu, Natuurlijke Hulpbronnen en Landbouw,
G. LUTGEN